2018: wederom een teeltseizoen om snel te vergeten

publish date
28.11.2018

Twee jaar terug schreven we in de nieuwsbrief van de Hooibeekhoeve dat 2016 een jaar zou zijn dat we niet snel zouden vergeten. Het aanhoudende natte weer zorgde dat jaar immers voor slechte opbrengsten in het veld. Niemand had toen durven denken dat we 2 jaar later terug hiermee geconfronteerd zouden worden. Al was het ditmaal niet de veelvuldige regenval die voor problemen zorgde maar wel het droge, en vooral warme weer.  

 

Van veel te nat naar veel te droog

Het teeltseizoen startte in de Kempen wel aan de natte kant. Vooral in april viel er duidelijk meer neerslag dan gemiddeld. De veldwerkzaamheden moesten hierdoor uitgesteld worden of gebeurde in niet de meest optimale omstandigheden. Door de op dat moment nog vochtige grond maakte dat de jonge maisplanten niet direct genoodzaakt waren om diep te gaan wortelen, wat bijvoorbeeld in 2017 wel het geval was.

Na 1 juni viel er nagenoeg geen regen meer en kregen we te maken met zomerse temperaturen. Naarmate de periode van warm en droog bleef duren, begon de gewasgroei te stagneren.

Gras

Opbrengstverlies bij grassnedes

In juni-augustus werd er nauwelijks nog gras gemaaid De meeste bedrijven kunnen rekenen op een uitstekende eerste snede van 2018. In juni-juli en augustus werd er echter nauwelijks nog gras gemaaid. In september kon op de meeste plaatsen het gras wat herstellen en kon er ondanks de aanhoudende droogte een normale snede gemaaid worden. Los van de kwaliteit zijn er opbrengstverliezen van 25% tot 50% over het ganse seizoen.

Grote impact op de zode

Niet te onderschatten is echter het effect op de zode : soms is deze volledig veronkruid en zal men in 2019 eerder dan gepland kiezen voor een andere teelt.  Grasland vernieuwen is niet goedkoop en een jonge zode betekent altijd minder opbrengst, zeker doordat het jong ingezaaide grasland het op vele plaatsen zeer moeilijk heeft bij de opkomst.   

Mais

Wat de mais betreft was het beeld heel divers. Op sommige plaatsen bleef de mais klein en ijl en was de schade duidelijk. Op andere plaatsen stond er een ogenschijnlijk normaal ontwikkeld gewas. Het gebrek aan neerslag, maar vooral de hoge temperaturen, zorgde echter dat de kolfzetting en  bevruchting en de kolfvulling ondermaats bleef. Sommige planten hadden zelfs geen kolf. Aangezien de kolf ca 50% van de opbrengst maakt, bleef de opbrengst op heel wat percelen achter.

Stormachtige weer half augustus deed de mais bovendien nog legeren. Bovendien rijpte zulke mais niet of moeilijk af, waardoor er bij lage DS-percentages werd geoogst.  

Resultaten van Hooibeekhoeve

Net als in de praktijk waren de effecten van de warme droge weer ook te merken op de proefvelden van de Hooibeekhoeve. Een aantal van de proefvelden werden niet geoogst omwille van te sterke droogteschade en/of legering. Andere velden werden wel geoogst, en dan vooral de meerjarige proeven of diegene met een invloed op de bodem. Op deze manier krijgen we een goed beeld van de impact van de weer onder diverse teeltomstandigheden.

Opbrengen van kuil- en korrelmaïs

Op 22 augustus startte de oogst van de proefvelden mais, op 5 oktober was de oogst afgerond. Wat de kuilmais betreft lagen de opbrengsten tussen de 4,5 ton DS/ha en 16,5 ton DS/ha het droge stofpercentage varieerde van 22% tot 37%, afhankelijk van het gesteld was met de kolven. Sommige proeven vertoonde immers bijna 100% kolfloze planten.

Voor de korrelmaisproeven varieerde de opbrengst van 400 kg per ha tot 9.5 ton/ha. Vergelijken we dit met de normale jaren kunnen we spreken van opbrengstverliezen van 20 tot 100%, met zeer veel verschillen binnen en tussen de percelen. Vergeleken met het andere rampjaar 2016 kan er gesteld worden dat de schade in 2018 groter is.  Door het ontbreken van de kolven of een slechte kolfvulling is de voederwaarde ook een tegenvaller. De cijfers hieromtrent zijn nog niet bekend.

Voederbieten

Wat de voederbieten betreft lijken de opbrengsten van de proeven zo’n 20-40% lager te liggen dan in 2017.

De resultaten van 2018 zullen in elk geval met de nodige omzichtigheid moeten worden geïnterpreteerd.

 

 

Volgende