Mariadomein in Brasschaat wint de provinciale Erfgoedprijs 2018 ter waarde van € 10.000

publish date
26.11.2018

De provincie Antwerpen lanceerde in 2018 opnieuw een oproep voor de jaarlijkse erfgoedprijs. Nieuw dit jaar is de focus op Onroerend Erfgoed. Ook het prijzengeld werd verhoogd: de winnaar ontvangt € 10.000 en twee laureaten worden beloond met elk € 5.000.

Gedeputeerde Luk Lemmens met de winnaar van de Erfgoedprijs 2018
Gedeputeerde Luk Lemmens met de winnaar van de Erfgoedprijs 2018

Het onroerend erfgoed in onze provincie kan duidelijk rekenen op geëngageerde liefhebbers. Er werden 18 dossiers ingediend, waarvan de meerderheid door heemkundige kringen of vrijwilligersverenigingen. Ook stads- en erfgoeddiensten waagden hun kans.

Uit deze kandidaturen selecteerde een vakjury in een eerste ronde acht genomineerden. Op zaterdag 24 november werden in deSingel de winnaar en de twee laureaten bekend gemaakt.

Winnaar Erfgoedprijs 2018: Brasschaat, Kerkfabriek Heilige Familie

Ontsluiting en herintegratie van een typisch Mariadomein in de wijk Rustoord-Kaart

De jury loofde de aandacht voor de maatschappelijke omgeving, zowel oud als jong herontdekken het Mariadomein als het centrum van de woongemeenschap. Ook de grondige voorbereiding en samenwerking met alle partners uit het erfgoedveld verdient alle lof. De initiatiefnemers hebben bovendien oog voor de toekomst.

Laureaten Erfgoedprijs 2018

  • Antwerpen, Archeologische dienst: publiekswerking en publieksweekend rond de Kipdorpsite
    De werf "Noorderlijn" werd grondig archeologisch voorbereid. Vooral de indrukwekkende Kipdorpsite, een restant van de 16de eeuwse Spaanse Omwalling, gooide hoge ogen.
    De jury looft de sterk sensibiliserende kracht van het evenement, zowel naar het grote publiek als naar de betrokken beleidsmakers.
  • Erfgoed Noorderkempen: onderzoek/tentoonstelling archeologische vondsten ‘het mysterie van de urne’/’alles uit de kast’
    De vroegste geschiedenis van Rijkevorsel en de Noorderkempen stonden centraal in dit project, waar letterlijk alle archeologische resten uit de streek werden samengebracht. Met nieuwe technieken en presentatiemedia wordt dit verhaal op een innovatieve manier gebracht.
    De jury looft de mooie samenwerking tussen lokale actoren en het professionele erfgoedveld. Ook de aandacht voor nieuwe en diverse presentatietechnieken binnen een veld als de archeologie is vermeldenswaard.

 

 

Hoofd van de Slapende Reus als artistieke landmark op Hoge Mouw

publish date
12.10.2018
???module.newsItem.label.themes???

Deze herfst wordt op Provinciaal Groendomein Hoge Mouw het beeld “A Giant Sculpture” geïnstalleerd. De stalen creatie van het befaamde kunstenaarsduo Gijs Van Vaerenbergh werd vrijdag voorgesteld bij Arel bvba in Balen, de fabriek waarin het kunstwerk werd ineen gelast. In de landschapsvisie en het toeristische meerjarenplan 'Slapende Reus' voor de Kempense Heuvelrug, is dit artistieke landmark de kers op de taart!

Een nieuw, imposant kunstwerk van het vermaarde kunstenaarsduo Gijs Van Vaerenbergh krijgt een plek op het hoogste punt van Provinciaal Groendomein Hoge Mouw.

De berg 'Hoge Mouw' is een paraboolduin waarvan het natuurlijke verloop door menselijke erosie werd afgetopt. Toch is de duin nog steeds op meerdere fronten een topper. Waar er vroeger kon uitgekeken worden over de omgeving, is dit vandaag een open en verzonken plek in het bos. Het zicht van weleer is verdwenen, maar de plek onderging een transformatie tot een stemmige buitenkamer in het bos, omzoomd door dennenbomen.

Met deze nieuwe, artistieke interventie worden de diverse betekenissen van de duin – zowel natuurhistorisch als toeristisch – versterkt. De onverwachte ontmoeting met dit bijzondere kunstwerk wordt voor de bezoeker een hoogtepunt. Op deze manier raken erfgoed, groenbeheer en toerisme elkaar op een respectvolle manier. De provincie is ervan overtuigd dat dit een waardevolle aanvulling is op de vermaarde Kabouterberg, en een perfecte stap in de uitbouw van het project 'De Slapende Reus'. 

(Lees verder onder de foto)

Hoge Mouw: A Giant Sculpture 1

We transformeren dit archetype van het standbeeld door gebruik te maken van een spel van fijne driehoeken in cortenstaal. Het hoofd krijgt daardoor tegelijk een figuratief en abstract karakter. Het werk zou  omschreven kunnen worden als een hedendaagse interpretatie van een ruïne. Het gevoel van vergankelijkheid wordt versterkt door het maken van openingen in het beeld. De bezoeker krijgt vanuit de binnenkant een nieuwe blik op de omgeving

Een reuzenhoofd in het zand

Het kunstwerk bestaat uit een fragment van een monumentaal standbeeld. Een hoofd wordt zo geplaatst dat het een deel lijkt van een groter ingegraven standbeeld. Zo wordt met de suggestie gespeeld dat het beeld ooit werd bedolven onder de paraboolduin, waarna het jarenlange spel tussen het zand en de wind het hoofd bloot heeft gelegd. Het is een scene die tot de verbeelding spreekt en waarmee op een eigentijdse manier naar de rijke geschiedenis wordt verwezen.

Het kunstenaarsduo Gijs Van Vaerenbergh heeft een hedendaagse interpretatie gemaakt van een traditioneel standbeeld waarbij ze ernaar streven om het publiek hiernaar met andere ogen te laten kijken. Ze slagen hierin door te spelen met het contrast tussen de herkenbaarheid van dit ‘oerbeeld’ en een bijzondere, hedendaagse constructiemethode: “We transformeren dit archetype van het standbeeld door gebruik te maken van een spel van fijne driehoeken in cortenstaal. Het hoofd krijgt daardoor tegelijk een figuratief en abstract karakter. Het werk zou omschreven kunnen worden als een hedendaagse interpretatie van een ruïne. Het gevoel van vergankelijkheid wordt versterkt door het maken van openingen in het beeld. De bezoeker krijgt vanuit de binnenkant een nieuwe blik op de omgeving.”

(lees verder onder de foto)

Hoge Mouw: A Giant Sculpture 2

 

Een reus voor een ambitieus toekomstplan voor de Kempense Heuvelrug


Onder de noemer ‘Slapende Reus’ werken Provinciale Groendomeinen Regio Kempen, projectcoördinator Toerisme Provincie Antwerpen, Regionaal Landschap Kleine en Grote Nete en Gemeente Kasterlee samen aan de toekomst van het gebied de Kempense Heuvelrug.

Het toeristisch ontwikkelingsplan - opgesteld op basis van een doorgedreven landschapsbiografie - focust op drie pijlers: betere infrastructuur, aantrekkelijke toeristische producten voor groot én klein en zorg voor het unieke landschap en erfgoed.

Toerisme Vlaanderen, Platteland Plus en Leader ondersteunen het project financieel.

Met een totaal van bijna 1,5 miljoen euro aan middelen - waarbij de Provincie Antwerpen en Regionaal Landschap Kleine en Grote Nete samen ongeveer de helft, Kasterlee bijna een kwart en Vlaanderen de rest investeren - wordt de Slapende Reus een van de meest ambitieuze provinciale projecten van de Kempen.

Voor het kunstwerk werd €150 000 vrijgemaakt, waarvan €100 000 vanuit de provincie. Via (Platte-)Landschapsontwikkeling (PDPO - P+), een subsidie van de provincie samen met Europa en Vlaanderen, wordt hieraan € 50 000 toegevoegd.

Jeugd ontdekt nieuwe fortapp in fort Duffel

publish date
22.07.2018

Donderdag 19 juli testten kinderen van de gemeentelijke speelpleinwerking De Locht in fort Duffel de nieuwe erfgoedapp van de provincie Antwerpen uit. Deze app leidt gezinnen en kinderen doorheen 500 jaar geschiedenis en laat hen kennismaken met het leven tussen de fortmuren, vroeger en nu.

Een aantrekkelijke erfgoedapp voor kinderen, om de forten op een hedendaagse manier te ontdekken. Dàt belooft de nieuwe erfgoedapp.  Ontwikkeld door de provincie Antwerpen, in overleg met de vzw Kempens Landschap en de gemeenten Duffel, Nijlen, Puurs en Beveren.

De app werd op 19 juli l.l. door lokale jeugd getest in fort Duffel. Via leuke doe- en denkopdrachten vernamen ze samen met mascotte ‘Soldaat Achille’ de interessantste weetjes over de lokale geschiedenis, het fort, de bewoners van vroeger en nu. Een educatieve uitstap werd een echte beleving.

Het houdt de interesse voor de forten en hun rol in onze hedendaagse maatschappij levendig. Bovendien wordt de laatste jaren sterk(er) ingezet op toeristische erfgoedontwikkeling en -ontsluiting. Diverse partners in de sectoren toerisme en erfgoed ondersteunen elkaar steeds beter in de ontwikkeling en promotie van recreatieve programma’s. De nieuwe fortenapp biedt het gezins- en jeugdtoerisme de kans om kinderen te betrekken bij het historische fortenerfgoed in de provincie Antwerpen.

Download de app via http://erfgoedapp.be/ (voor Android en Apple).

De app is vanaf nu beschikbaar in de forten van Duffel, Nijlen, Puurs en Beveren (Liefkenshoek). 

Meer info? Contacteer Joachim Piens, projectcoördinator Forten provincie Antwerpen (03/240 55 62) of  de deelnemende forten

 

Wortel- en Merksplas-Kolonie stap dichterbij titel UNESCO-Werelderfgoed

publish date
28.06.2018
???module.newsItem.label.themes???

Wortel- en Merksplas-Kolonie, die deel uitmaken van de 7 Koloniën van Weldadigheid in België en Nederland, worden voorlopig niet ingeschreven op de UNESCO-Werelderfgoedlijst. Dat heeft het Werelderfgoedcomité beslist op een internationale conventie in Manama (Bahrein). Het Werelderfgoedcomité meent dat de Koloniën van Weldadigheid nog wat werk hebben aan het dossier.

Wortel- en Merksplas-Kolonie

Zeven Koloniën van Weldadigheid

Begin 19de eeuw ontstonden zeven landbouwkoloniën in Nederland en België als een vooruitstrevend sociaal experiment. Aan de grondslag van dit experiment lag de idee dat armen uit de stad een nieuw leven konden opbouwen op het platteland. Maar liefst 80 km² woeste grond werd door de kolonisten eigenhandig omgevormd tot landbouwgrond. De kaarsrechte dreven en statige gebouwen gaven orde en regelmaat aan het leven van de landlopers. Deze structuur is nog steeds duidelijk zichtbaar in het landschap.

In de Zuidelijke Nederlanden werden in Wortel bij Hoogstraten een vrije Kolonie (1822) en in Merksplas een onvrije Kolonie (1825) opgericht. Na de Belgische onafhankelijkheid werden beide Koloniën ingezet om landlopers op te vangen. Landloperij was in België van 1866 tot 1993 strafbaar en wie geen geld op zak had, kon naar de Rijksweldadigheidskoloniën gestuurd worden. Tot 1993 leefden, woonden en werkten er landlopers. Toen de wet op de landloperij werd afgeschaft, bleef een waardevol landschap van bijna 1000 hectare verweesd achter, getekend nadat het meer dan 150 jaar dienst had gedaan als landbouwkolonie. 

Wortel- en Merksplas gered van verval

Het landschap en de gebouwen werden na 1933 bedreigd door leegstand, verval en versnippering. In 1997 stonden de gebieden zelfs op de lijst van het ‘World Monuments Fund’ bij de 100 meest bedreigde erfgoedsites ter wereld. Gelukkig werd snel ingezien dat dit bijzondere erfgoed niet verloren mocht gaan. Bezorgde burgers trokken tijdig aan de alarmbel en in 1997 werd vanuit de provincie Antwerpen en met de steun van een 40-tal gemeentebesturen de vzw Kempens Landschap opgericht. Deze organisatie ijvert sindsdien voor het behoud, de ontwikkeling en de openstelling van dit erfgoed. Sindsdien zijn beide Koloniën er steeds op vooruit gegaan: in 1999 werden de gebieden beschermd als landschap en werden ook de belangrijkste gebouwen beschermd als monument. Het omringende landschap werd aangekocht door verschillende publieke partners waardoor het geheel in gemeenschapshanden bewaard blijft. Op die manier kunnen Wortel- en Merksplas-Kolonie vandaag vanuit één visie beheerd worden.

Een stap dichterbij

Vandaag besliste de leden van het Werelderfgoedcomité om het advies van ICOMOS niet te volgen en de zeven Koloniën van Weldadigheid wat huiswerk mee te geven om er volgend jaar mee terug te komen.

Dat vinden de verschillende beheerders van het gebied uiteraard jammer. Maar de jarenlange inspanning en samenwerking tussen twee landen, vier provincies, acht lokale besturen, Agentschap Onroerend Erfgoed, Agentschap Natuur en Bos, Vlaamse Landmaatschappij en tal van andere partners is een uniek gegeven. De partners bekijken nu het dossier kan worden klaargestoomd voor een volgende indiening. 

Kempens Landschap, provincie Antwerpen en het Vlaamse Agentschap Onroerend Erfgoed werkten zeer goed samen in het hele nominatieproces van de sites. Wortel- en Merksplas-Kolonie zijn een toonbeeld van de integratie tussen natuur en cultuur. Samenwerkingen en een gedeelde visie hebben hoe dan ook gezorgd voor een prachtig stuk erfgoed.

'Vagrants Colony, a Hymn' - Jef Neve

Zo'n prachtig gebied verdient een prachtige soundtrack, en deze werd uitgewerkt door niemand minder dan Jef Neve! De hymne geeft alle aspecten van de gebieden weer. Van hoop tot tristesse, van dromen tot eenzaamheid, dat allemaal overgoten met de indrukken van de weidse landschappen en een scheutje bohémien. Bekijk en beluister 'Vagrants Colony, a Hymn' in wereldpremière!

Nieuw: derde deel van Vergeten Linies

publish date
18.05.2018

Nieuw onderzoek met de nieuwe LiDAR-technologie toont aan dat de littekens van de Eerste Wereldoorlog dieper liggen dan de kogelgaten in de fortenmuren. Er is een heel kraterlandschap rond de linies van de forten blootgelegd. Onderzoekers gingen met deze beelden en foto’s van de Royal Air Force uit de Eerste Wereldoorlog aan de slag om een levendig beeld van de strijd rond de forten te schetsen. Alle resultaten zijn nu gebundeld in het derde deel van Vergeten linies, dat ter gelegenheid van 100 jaar Eerste Wereldoorlog gepubliceerd wordt.

In Vergeten Linies. Militair erfgoed binnen de Antwerpse fortengordels op luchtfoto en lidar worden alle resultaten van dit onderzoek en beelden van de talrijke Duitse stellingen ten zuiden en westen van Antwerpen in detail toegelicht en gelokaliseerd. Onderzoekers gingen vanaf 2015 met deze nieuwe beelden aan de slag.

“Het boek biedt niet alleen een verrassend nieuwe kijk op de monumentale forten en schansen. Ook komen onbekende overblijfselen aan bod van bijvoorbeeld Belgische bunkers en loopgraven uit 1914, interbellumstructuren gerelateerd aan de Antitankgracht of volledige loopgravenstelsels uit de Tweede Wereldoorlog”, meldt Luk Lemmens, gedeputeerde bevoegd voor Erfgoed. “Dit derde boek is het kroonstuk van de rijkelijk geïllustreerde reeks Vergeten linies en zal iedere erfgoedliefhebber aanspreken. Het is zonder twijfel een absolute musthave voor iedereen die in het verloop van de Eerste Wereldoorlog in Antwerpen geïnteresseerd is.”

Provincie Antwerpen investeert in oude steenbakkerstunnel

publish date
19.12.2017
???module.newsItem.label.themes???

Oude steenbakkerstunnel te Niel wordt opgeknapt en opengesteld voor wandelaars

De steenbakkerstunnel te Niel grenst aan Walenhoek en gaat onder de spoorweg door. De investeringen in de tunnel zullen het gebied nog aantrekkelijker maken voor wandelaars. Hij sluit aan op de bestaande wandelpaden van het natuurgebied en op de bestaande verharde paden doorheen het Wetenschapspark. Door gebruik te maken van de tunnel bereiken bezoekers makkelijker en veiliger Walenhoek en worden wandelaars herinnerd aan het baksteenverleden van de regio. 

Daarnaast zullen ook dieren via de tunnel de weg vinden naar het gebied. De tunnel is immers gelegen in een biologisch zeer waardevol bosgebied. Een goede inrichting zorgt voor een makkelijkere migratie van dieren en versterkt rechtstreeks de natuur in de omgeving.

 

Tunnelstudie

Deze investering volgt op een inventarisatie door de provincie Antwerpen van de meer dan 40 tunnels in de Rupelstreek. Deze tunnels zijn een belangrijk onderdeel van het landschap en van het steenbakkerijverleden van de streek. Ze verbonden de kleiput waar de klei werd uitgegraven met de plaatsen waar de baksteen werd gevormd, gedroogd en gebakken. Gedeputeerde Rik Röttger: “Uit de 40 geïnventariseerde tunnels koos de provincie Antwerpen meteen om de tunnel te Niel ook effectief te renoveren en in te zetten als ecologische en recreatieve verbinding. De renovatie van deze tunnel kan dienen als voorbeeld voor de andere tunnels. We werken zo stelselmatig aan het versterken van het streekverhaal langs de Rupel en creëren tegelijk nieuwe kansen voor de natuur.”

Regionaal Landschap Rivierenland zal, in opdracht van de provincie Antwerpen, instaan voor de voorbereidende werken en de uitvoering van de renovatie.

Tunnel 38 - Walenhof in Niel
Tunnel 38 te Walenhof in Niel

Klei, water en landschap bouwstenen voor een gebiedsvisie

De Rupelstreek kent een steenbakkersverleden. Het Rupellandschap heeft daardoor een duidelijke identiteit. Elementen als klei, water en landschap vormen een rode draad tussen heden en verleden.

Rond die elementen is het gebiedsprogramma Rupelstreek opgebouwd. De provincie Antwerpen formuleerde samen met de Rupelgemeenten (Rumst, Boom, Schelle, Hemiksem en Niel), de inwoners, de verenigingen, de bedrijven en de Vlaamse Overheid een visie voor het gebied rond verschillende thema’s zoals recreatie, natuur, mobiliteit en beleefbare landschappen.

Verborgen schatten in Sint-Romboutskathedraal blootgelegd

publish date
11.12.2017
???module.newsItem.label.themes???

In de Mechelse Sint-Romboutskathedraal wordt een groot vooronderzoek naar de afwerkingslagen van het interieur uitgevoerd. Dat monnikenwerk geeft onderzoekers de kans om lang vergeten geheimen van dit monumentale gebouw te ontsluieren. Dankzij nieuwe media kunnen bezoekers vanop afstand over de schouders van de onderzoekers meekijken. 

Sint-Romboutskathedraal - Schoonjanskapel

Een geslaagde restauratie start met een goede voorbereiding. Het Antwerpse provinciebestuur gaf eerder al de opdracht tot een grondig historisch onderzoek van de steenconstructie en de houten dakkappen. In september 2017 startte het vooronderzoek van de afwerkingslagen van het interieur.

Het kathedraalinterieur is het resultaat van verschillende bouwcampagnes waarvan de belangrijkste zich uitstrekken tussen 1217 en 1502. Dat betekent dat het pleisteren en schilderen van het interieur ook in verschillende fases plaatsvond. Het onderzoeksteam zal de pleister- en verflagen registreren en in kaart brengen, hun bewaringstoestand vaststellen, testen uitvoeren en een behandelingsvoorstel opmaken. De bevindingen zullen in een latere fase de aanzet vormen voor een interieurrestauratie.

Schatten achter het altaar

De eerste resultaten zijn veelbelovend. Met behulp van een scalpel en vergrotingsbril is achter het altaar in de Sacramentskapel een schildering met verschillende personages vrijgelegd. Ook is de aflijning van een ouder altaar teruggevonden. De blindnissen in deze kapel waren ooit kleurrijk geschilderd in rood en lichtpaars, waar nu vooral gebroken wit te zien is. 

In de Schoonjanskapel zijn op de oostwand en het gewelf helmtekens en een mannelijk figuur in profiel met eronder een wapenschild teruggevonden. Die schilderingen zijn een duidelijke verwijzing naar de familie Schoonjans, die in deze kapel haar erediensten hield. De spannende zoektocht in de sacristiekasten, waarbij de onderzoekers zich in kleine ruimtes wrongen, hebben verschillende schilderingen blootgelegd die zich op de muren achter die kasten bevinden.

Bezoeker krijgt online blik achter de schermen

Tot september 2018 zijn opeenvolgende zones van de kathedraal voor het publiek afgesloten. De onderzoekers gunnen geïnteresseerden daarom graag een blik achter de schermen, door gebruik van nieuwe media. 

Wanneer: september 2017 – september 2018

Waar: Sint-Romboutskathedraal, Onder den Toren, 2800 Mechelen

Nieuwsgierigen kunnen het hele onderzoek ook online volgen via Facebook en via de website van de Sint-Romboutskathedraal

Voormalige baksteentunnels in de Rupelstreek in kaart gebracht

publish date
29.11.2017

De Rupelstreek dankt haar identiteit aan haar geografische ligging naast het water en aan haar steenbakkerijverleden. De meer dan 40 oude tunnels zijn een belangrijk onderdeel van het landschap. Ze verbonden de kleiputten met de plaatsen waar de baksteen werd gevormd, gedroogd en gebakken. In opdracht van de provincie Antwerpen zijn die verschillende relicten in kaart gebracht. Gedeputeerde Rik Röttger: “Na de inventarisatie van de tunnels is het nu zaak om de mogelijkheden tot herbestemming te onderzoeken. Laat ons enkele oude tunnels restaureren en nadien inzetten als ecologische of recreatieve verbindingen én als unieke landmarks voor de streek.”

Tunnel Kapelstraat Polder
Tunnel Kapelstraat Polder kant Rupel

 

In opdracht van de provincie Antwerpen, voerde het studiebureau Omgeving samen met Erfgoed & Visie een grondige studie uit van de tunnels in de Rupelstreek, periode 1890-1960. De studie kadert binnen het gebiedsprogramma Rupelstreek: ze inventariseert de verschillende relicten en onderzoekt de mogelijkheden naar herbestemming.

Van studie naar visie over 10 tunnels

Tot vandaag zijn er 44 tunnels ingegeven in het GIS (gemeentelijk informatiesysteem), maar de studie focust zich op 10 tunnels in het bijzonder. De studie geeft een grondige beschrijving van de huidige toestand, formuleert welke technische ingrepen noodzakelijk zijn voor restauratie en bekijkt de mogelijkheden tot herbestemming. Deze mogelijkheden kunnen informatief, recreatief of ecologisch (bv. amfibieëntunnel) ingevuld worden. Daarnaast kan het op straatniveau zichtbaar maken van de ondergrondse tunnels de identiteit van de streek benadrukken.

Eén tunnel op de site Frateur in Boom krijgt bijzondere aandacht in het rapport, omdat deze de grootste en oudste tunnel is. Hij bevindt zich in de wijk Noeveren en vormt zo onderdeel van de beschermde erfgoedsite.

De resultaten van de tunnelstudie worden verder opgevolgd door het gebiedsprogramma van de Rupelstreek, waar de verschillende gemeentebesturen in zetelen en gecoördineerd door de provincie Antwerpen. Samen nadenken over een visie en aanpak van de tunnels voor de komende jaren staat bovenaan de agenda. Het is de bedoeling dat de studie een levend document wordt, met actualisatie bij wijzigingen of bij het ontdekken van nieuwe tunnels.


Tunnel site Frateur
Tunnel site Frateur

 

Klei, water en landschap bouwstenen voor een visie

De Rupelstreek kent een steenbakkersverleden. Het Rupellandschap heeft daardoor een duidelijke identiteit. Elementen als klei, water en landschap vormen een rode draad tussen heden en verleden.

Rond die elementen is het streekverhaal van de Rupel opgebouwd. De provincie Antwerpen formuleerde samen met de Rupel-gemeenten (Rumst, Boom, Schelle, Hemiksem en Niel), de inwoners, de verenigingen, de bedrijven en de Vlaamse Overheid een visie voor het gebied rond verschillende thema’s zoals recreatie, natuur, mobiliteit en beleefbare landschappen.

Erfgoedprijs 2017 zoekt heldin in erfgoed

publish date
13.03.2017

Ben je of ken je een held-in in erfgoed? Komt jouw project in aanmerking voor de ERFGOEDPRIJS 2017 van de provincie Antwerpen? Stel nu je heldendaad en kandideer voor de editie 2017.

De ERFGOEDPRIJS 2017 van de provincie Antwerpen bekroont jaarlijks een initiatief dat het rijke erfgoedverleden van onze provincie in de verf zet. Alle opmerkelijke erfgoedprojecten tussen januari 2016 en 31 maart 2017 komen in aanmerking. Ook personen die in hun carrière, professioneel of als vrijwilliger, een opmerkelijk parcours in de erfgoedsector hebben gelopen maken een kans. De belangrijkste voorwaarde is een hechte band met de provincie Antwerpen. Kandidaten moeten er geboren zijn, wonen, werken of studeren. Zij kunnen zich vanaf nu aanmelden tot en met 29 mei via ‘Erfgoedprijs 2017’ op www.provincieantwerpen.be.

Sinds 1929 reikt de provincie Antwerpen de ‘Prijs voor Geschiedenis en Volkskunde’ uit. Vanaf 2017 kiest men voor de ‘ERFGOEDPRIJS’. Nu kun je kandideren met activiteiten in het brede erfgoeddomein: zowel cultureel, roerend als onroerend erfgoed, materieel als immaterieel erfgoed, geschiedenis, familie- als volkskunde. Maar de prijs kan ook een bekroning zijn van een opgemerkte carrière in het erfgoeddomein.De provincie ijvert ervoor dat iedereen zich kan onderdompelen in de fascinerende erfgoedwereld.  Ziij doet een warme  oproep naar personen en verenigingen om deel te nemen.

Praktische info kandidaatstelling
De kandidaten vinden het inschrijvingsformulier, het reglement en het campagnebeeld voor de ERFGOEDPRIJS 2017 terug op de webpagina van de Erfgoedprijs.

Uiterste indieningsdatum
Maandag 29 mei 2017 om 12.00 uur

Meer info:
Je vindt meer informatie op de webpagina over de Erfgoedprijs 2017.
 

Ensembles architectuur en ambacht

publish date
20.09.2016

Samen met het Vlaams Architectuurinstituut en deSingel Internationale Kunstcampus organiseert het Architectuurarchief Provincie Antwerpen de tentoonstelling 'Ensembles - architectuur en ambacht'. De focus ligt op de samenwerking tussen architect en uitvoerders, en hoe de uitvoering van ontwerpen een praktische leerproces kan zijn voor alle betrokkenen. Technische en ambachtelijke kwalificaties kunnen impulsen geven aan het ontwerpproces, terwijl dat ontwerp het vakmanschap voor inspirerende uitdagingen kan plaatsen. Deze wisselwerking vindt zijn beslag in de uitvoering, die hierdoor beide aparte categorieën overstijgt en een nieuwe dimensie aanreikt.
De tentoonstelling brengt projecten uit verschillende Europese landen, maar heeft ook een historisch luik. Architectuur en ambachten waren immers ook in het verleden op elkaar aangewezen. Op basis van de colelctie van het Architectuurarchief illustreren historische cases de inspirerende wisselwerkingen tussen ontwerp en uitvoering, tussen architect, vaklui en andere participanten.

Praktisch
30.09.2016-15.01.2017
open van woensdag tot zondag van 14-18u en bij avondvoorstellingen
gesloten op maandag, dinsdag en feestdagen
toegangsprijs: 5 EUR (inclusief gratis bezoekersgids): tickets te koop bij ingang tentoonstelling

Locatie
deSingel Internationale Kunstcampus

Meer info op http://ww.vai.be/nl/activiteit/tentoonstelling-ensembles-architectuur-en-ambacht

Meer info:
Wim Luyckx, tel. 03/202 04 70
www.architectuurarchief.be


 

Een sportieve terugblik op 1952 – Joseph-Louis Stynen ontwerpt de zittribune van K.F.C. Malinois

publish date
24.08.2016
Presentatietekening van Joseph-Louis Stynen voor de zittribune van K.F.C. Malinois, 1952
Presentatietekening van Joseph-Louis Stynen voor de zittribune van K.F.C. Malinois, 1952

Geen sport zonder passende infrastructuur. Sinds decennia stimuleren de commercialisering en marketing van grote sportevenementen en voetbalcompetities een voorheen ongeziene evolutie: spectaculaire sporttempels, vaak ontworpen door sterarchitecten, zetten de toon. Het Vogelnest (2008) in Peking, naar een ontwerp van Herrzog & de Meuron in samenwerking met Ai Weiwei, is slechts één van de vele voorbeelden.

Dat betekent niet dat voordien architecten afzijdig bleven. In 1952 kon Joseph-Louis Stynen als laureaat van een ontwerpwedstrijd een nieuwe tribune bouwen voor voetbalclub K.F.C. Malinois, het huidige K.V. Mechelen. Stynen had enige ervaring met sportinfrastructuur, zij het dan als ontwerper. In de architectuurwedstrijd van het Internationaal Olympisch Comité tijdens de Olympische Spelen van Los Angeles in 1932 had hij namelijk een eervolle vermelding in de wacht gesleept. Hoe dan ook verrees de Mechelse zittribune in enkele maanden tijd. Een artikel in Het Bouwbedrijf uit 1953 had het over “een hymne aan de moderne techniek”. De 108 meter lange betonconstructie werd bekroond door een vrijdragend dak met een spanwijdte van 18 meter. De tribune bood plaats voor ongeveer 3800 supporters en huisvestte ook de accommodatie voor bestuur en spelers, scheidsrechters en journalisten. In december 1952 al kon de constructie voor het eerst in gebruik genomen worden.

Vier verloren gewaande partituren ontdekt in de bibliotheek van het kasteel

publish date
27.06.2016
???module.newsItem.label.themes???
Hertogin Ursula d’Ursel en gedeputeerde Luk Lemmens tonen één van de partituren aan de aanwezige pers © Joris Ceuppens

 

Onlangs werden in de bibliotheek van het kasteel vier verloren gewaande partituren van de Italiaanse componist Gaspare Spontini (1774-1851) teruggevonden. Het gaat om vier autografische manuscripten van drie opera’s en een cantate die door specialisten als definitief verloren werden beschouwd:

  • Il quadro parlante (melodramma buffo, 1800, Palermo)
  • Il geloso e l’audace (drama giocoso, 1801, Rome)
  • Le metamorfosi di Pasquale ossia Farsa (farsa giocosa, 1802, Venetië)
  • L’eccelsa gara (cantate, 1806, Parijs)

Het is zeer waarschijnlijk dat deze partituren in de hertogelijke bibliotheek zijn terechtgekomen via de erven van Céleste Erard (1790-1878), Spontini’s vrouw en telg van de gerenommeerde familie piano- en harpenbouwers. Sabine Franquet de Franqueville (1877-1941), de echtgenote van hertog Robert d’Ursel (1873-1955) stamde langs moederszijde af van de Erard-dynastie en zo moeten de Spontini-partituren in het bezit van de familie d’Ursel zijn gekomen.

Gaspare Spontini

Gaspare Spontini is een van de grote namen uit de operageschiedenis. Hij werd door Hector Berlioz en Richard Wagner zeer bewonderd en zijn werk is nu nog altijd relevant. Dat bewijzen de recente dvd-opname van zijn opera La fuga in maschera (2014) en de opvoeringen van La Vestale in de Muntschouwburg (2015) en van Olympie in het Théâtre des Champs-Élysées in Parijs (2016).

Vier teruggevonden werken

De vier ontdekte werken dateren uit een, door gebrek aan beschikbare bronnen, minder bestudeerde periode uit Spontini’s leven, namelijk de overgang tussen zijn vroege carrière in Italië en zijn activiteiten in Parijs, waar hij werd gesteund door keizerin Joséphine. Over die periode schrijft Spontini-specialist Anselm Gerhard in The New Grove Dictionary of Music and Musicians: ‘Minstens twaalf van zijn opera’s kenden hun première in Italië. Het lijkt erop dat hij tussen 1796 en 1802 in Rome, Florence en misschien ook Venetië werkte. Er is echter maar weinig onderzoek gedaan naar de details van zijn vroege carrière of naar de uitvoeringsdata van zijn stukken, omdat vele van deze operapartituren niet bewaard zijn.’

Deze vier teruggevonden werken helpen dus een lacune vullen in de biografie en de artistieke productie van Spontini. Daar waar de  drie opera’s belangrijke schakels zijn in zijn operaproductie, onthult de cantate L’eccelsa gara meer informatie over Spontini’s nauwe contacten met Napoleon en Joséphine. Spontini componeerde deze cantate, op een tekst van de Rossinilibrettist Luigi Balocchi, om de overwinning van Napoleon in de slag bij Austerlitz te vieren. 

Het belang van deze vondst kan dan ook moeilijk overschat worden: het betreft vier definitief verloren gewaande werken uit een minder gedocumenteerde, maar cruciale periode uit het leven van een van de belangrijkste operacomponisten uit het begin van de 19de eeuw.

Bruikleen

Deze partituren zijn niet alleen van groot internationaal muziekhistorisch en artistiek belang, ze vertellen ook een brok boeiende geschiedenis van de familie d’Ursel en dus van het kasteel van Hingene. De kasteelbibliotheek, die vanaf de 18de eeuw werd bijeengebracht, werd samen met een deel van de originele inboedel in 2009 door de hertog d’Ursel in langdurige bruikleen gegeven aan de Provincie Antwerpen.

Vervolg...

Om de partituren verder te bestuderen en klaar te maken voor eventuele uitvoeringen en opnamen, heeft de Provincie Antwerpen een overeenkomst afgesloten met een onderzoeksgroep van de bibliotheek van het Koninklijk Conservatorium Antwerpen.

‘Dit project zal nog veel weerklank krijgen. Er wacht de muziekliefhebbers nog veel moois om verder te ontdekken. Ik geloof dat we genoeg materiaal hebben om een echte Spontini-revival te doen ontstaan. De provincie zal hier vanuit dit kasteel graag aan blijven meewerken’, besluit Luk Lemmens, gedeputeerde voor Cultuur.

Lees hier het volledige verhaal achter de vondst (PDF - 1MB).

 

Volgende van de detaillijst